Hoesten

Behandeling van oorzaak

Er is niet systematisch gezocht in de literatuur naar de behandeling van oorzaken van hoesten bij kinderen tussen 0 en 18 jaar in de palliatieve fase. De overwegingen en aanbevelingen zijn geformuleerd op grond van ervaringen van experts.

Aanbevelingen

Belangrijk: Zie algemene aanbevelingen voor aanbevelingen die van belang zijn in elk palliatief traject en in elk stadium van de ziekte van het kind.

Doen 
(sterke aanbeveling)

  • Behandel onderliggend astma met luchtwegverwijders en/of inhalatiesteroïden en/of systemische corticosteroïden
Overweeg 
(zwakke aanbeveling)

Overweeg:

  • Bij (verdenking op) bacteriële infectie, antibiotica. 
  • Bij interstitiële longafwijking corticosteroïden. 
  • Voor ondersteuning bij gastroesofageale reflux, het hoofdeinde van het bed te verhogen.
  • Bij klinische tekenen van gastroesofageale reflux, zuurremming of een (proefbehandeling met een) prokineticum.
  • Bij slikstoornissen, het indikken van voeding of starten van sondevoeding. 
  • Bij kinderen met sondevoeding, porties verkleinen, de inlooptijd verlengen of de inlooptijd naar continu zetten.
  • Bij pleuravocht, pleurapunctie en (tijdelijke) drainage.
  • Bij lokale laesies, radiotherapie of chemotherapie.
  • Bij obstructie van de centrale onderste luchtwegen, stentplaatsing.
  • In geval van bijwerkingen (hypersalivatie), wijziging van medicatie.
  • Bij hartfalen, diuretica.
  • Bij posterior drooling, overleg met specialist over medicamenteuze en eventuele chirurgische behandelopties inclusief voor- en nadelen voor het kind.

Overwegingen

Gezien de hoeveelheid mogelijke oorzaken van hoesten, is het belangrijk de achterliggende diagnose bij een nieuw symptoom als hoesten te onderzoeken. Maak een afweging tussen de belasting voor het kind bij het uitvoeren van diagnostiek en de mogelijke voordelen van een diagnose en behandeling. Behandel gericht een onderliggende diagnose als dat het comfort van het kind ten goede komt. 
Bedenk dat gastroesofageale reflux als oorzaak van hoesten vaak over het hoofd wordt gezien. Denk hierbij met name aan kinderen met spierzwakte of aangedane slikfunctie. De eerste stappen in de optimalisatie zijn niet medicamenteus. Denk hierbij aan houdingsaanpassingen tijdens zitten en liggen (mogelijk geeft linker zijligging minder kans op reflux t.o.v. rechter zijligging in verband met de anatomie van de maag/slokdarm overgang). Bij klinische tekenen van reflux kan zuurremming (2), een (proefbehandeling met een) prokineticum (3) of -indien van toepassing- starten of langzamer inlopen van sondevoeding overwogen worden (3). Tevens dient men bewust te zijn dat een verticale/zittende positie van het kind tijdens inlopen van de sondevoeding, minder kans geeft op reflux.
Bij slikklachten en aspiratie kan indikken van voeding overwogen worden. Overweeg ook posterior drooling (terugloop van speeksel uit de mondholte richting de keel en de luchtpijp) als oorzaak van hoesten en onderzoek dit laagdrempelig met behulp van een logopediste. Er kan overlegd worden met een specialist in eigen regio of een specialist van een van de droolingpoli’s, over de voor- en nadelen van medicamenteuze behandeling en eventuele chirurgische behandelopties. Weeg hierbij uiteraard de conditie en belastbaarheid van de kind mee. Zie ook kwijlen in  het werkboek ‘Zorg voor kinderen met een ernstige meervoudige beperking’(4). 
Overweeg bij een niet optimale sputumexpectoratie als verklaring van het hoesten, tijdig één of meerdere passende ondersteunende therapieën en evalueer het effect (5).

Vernieuwde weergave Pallialine
Zoals u ziet heeft Pallialine een nieuw uiterlijk gekregen. Aan de inhoud van de richtlijnen is niets gewijzigd.