Denktank Netwerken Palliatieve Zorg
Thema

Denktank Netwerken Palliatieve Zorg

De Denktank Netwerken Palliatieve Zorg werd opgericht met als doel een toekomstvisie voor de netwerken te formuleren en een voorstel voor passende financiering te doen. Het uitgebrachte advies van de Denktank in 2018 laat zien dat de Netwerken Palliatieve Zorg van groot belang zijn voor palliatieve zorgverlening. Subsidie voor de netwerken en de landelijke ondersteuning blijft nodig tot 2025, daarna is structurele bekostiging nodig.

Contactpersoon
Laatst geactualiseerd: 7 maart 2022

Doel Denktank 

Aan de Denktank werd advies gevraagd over het optimaal organiseren en financieren van regionale samenwerking in de palliatieve zorg. De huidige subsidieregeling voor de netwerken liep in 2020 af. Uitgangspunt was het Kwaliteitskader palliatieve zorg Nederland.

Werkwijze Denktank

De Denktank inventariseerde best practices en modellen voor netwerkzorg, betrok kennis en kunde uit het werkveld en hield consultatierondes met belanghebbenden. Om meer inzicht te krijgen in de bedrijfsvoering van de netwerken werd gevraagd naar hun inkomsten (naast subsidie) en uitgaven. Ook inventariseerde de Denktank welke functies een netwerk idealiter moet vervullen en wat werkzame principes zijn. Op basis van deze input deed de Denktank een voorstel voor organisatiemodellen, financiering en governance. De Denktank betrok in haar advies ook nieuwe zorgconcepten, andere manieren om de zorg te organiseren (o.a. met behulp van ICT) en strategieën voor implementatie. 

Resultaat denktank

De belangrijkste conclusies uit het advies van de Denktank:

  • Netwerken Palliatieve Zorg hebben hun nut bewezen en blijven ook na 2021 nodig.
  • Het huidige dekkende stelsel van Netwerken Palliatieve Zorg moet steviger en professioneler worden.
  • Landelijke samenwerking en integratie van de ondersteuning is nodig en nuttig.
  • Subsidie voor de Netwerken en de landelijke ondersteuning blijft nodig tot 2025, daarna is structurele bekostiging nodig.

Fibula toetste het advies bij bestuurders en coördinatoren van de netwerken, en bij landelijke partijen. Aan de hand daarvan schreef Fibula een beleidsvoorstel. Dat is opnieuw aan de netwerken voorgelegd en besproken met het ministerie van VWS. Het kwam tevens aan de orde in de algemene ledenvergadering van PZNL. Een plan van aanpak is in de maak. 

Samenhang tussen het werk van de Denktank, netwerken palliatieve zorg, het primaire zorgproces en Kwaliteitskader palliatieve zorg 

Onderstaand figuur laat de relatie zien tussen het primaire zorgproces, het Kwaliteitskader palliatieve zorg Nederland en de netwerken palliatieve zorg. Centraal staat het primaire zorgproces dat plaatsvindt tussen de patiënt en zijn of haar naasten (gele cirkel) en de primaire zorgverleners (oranje cirkel). Het primaire zorgproces wordt verleend door formele en informele zorgverleners conform het kwaliteitskader (blauwe cirkel), waarin is vastgelegd wat goede palliatieve zorg is. De 65 netwerken Palliatieve Zorg (rode cirkel) bevorderen de coördinatie en samenwerking tussen diverse zorgaanbieders in een regio en ondersteunen zorgverleners. Een netwerk heeft als doel de organisatie, kwaliteit en toegankelijkheid van palliatieve zorg te verbeteren. Financiering, onderwijs en onderzoek zijn randvoorwaarden die palliatieve zorg op bovenregionaal of landelijk faciliteren (grijze cirkel).

Grafiek-def-versie-palliaweb.jpg

De leden van de Denktank 

De Denktank is opgericht door Stichting Fibula en gefinancierd door het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS).

  • Mw. J. van Vliet, MHA, voorzitter Denktank. Expertise: besturing zorgorganisaties en transmurale netwerkzorg 
  • Mw. dr. I. Raats, projectleider Denktank. Expertise: projectmanagement, patiëntgerichte zorg 
  • Mw. drs. M. Boddaert, arts palliatieve geneeskunde. Expertise:mede-initiatiefnemer Kwaliteitskader palliatieve zorg Nederland, specialistische palliatieve zorg 
  • Dhr. drs. C.A.C.G. van den Buijs, huisarts. Expertise: generalistische palliatieve zorg 
  • Dhr. mr. J.M. Buiting, arts. Expertise: innovaties en kwaliteit van zorg 
  • Dhr. G.P. van Dooren, MPM. Expertise:netwerken palliatieve zorg 
  • Mw. ir. A.P.Y. Hoogendoorn. Expertise: perspectief van patiënten en naasten, persoonsgerichte zorg met e-health 
  • Dhr. drs. M.A.M. Leers. Expertise: bekostiging van zorg 
  • Mw. drs. J.A.M. Oskam. Expertise: perspectief van patiënten en naasten 
  • Mw. J. Roelands. Expertise: netwerken palliatieve zorg 
  • Mw. W.M. Wagenaar (tot 22 okt 2018). Expertise: netwerken palliatieve zorg 

De leden zijn gevraagd op basis van hun expertise, kennis en ervaring en functioneren zonder last of ruggespraak in de Denktank. 

Adviesrapport

Onderstaand een samenvatting van de aanbevelingen uit het opgeleverde adviesrapport geclusterd naar thema.

Aanbevelingen organisatie en ontwikkeling van de netwerken palliatieve zorg

Hieronder volgen Aanbevelingen van de Denktank voor de organisatie en ontwikkeling van de netwerken palliatieve zorg, zodat zij de functies kunnen uitoefenen die nodig zijn om organisaties te ondersteunen in het verlenen van goede palliatieve zorg aan patiënten ongeacht tijd of plaats.

  • Ontwikkel een zelfevaluatie voor het functioneren van netwerken palliatieve zorg op basis van genoemde functies en het Kwaliteitskader palliatieve zorg (de zelfevaluatietool voor zorgorganisaties kan als basis hiervoor worden gebruikt). Advies: uitvoering in 2019.
  • De netwerken palliatieve zorg voeren tweejaarlijks een zelfevaluatie uit met behulp van deze kwaliteitscriteria en maken daarbij gebruik van de feedback die in de individuele gesprekken met naasten zijn verkregen (zie Kwaliteit) en van beknopte managementinformatie. Op basis van de resultaten van de zelfevaluatie wordt een tweejarig actieplan opgesteld gericht op leren en verbeteren, zodat de ontwikkelingen in het functioneren van de netwerken palliatieve zorg transparant worden. Advies: start uitvoering in 2020.
  • Fibula/PZNL biedt ondersteuning bij het bespreken van de resultaten van de zelfevaluatie en het opstellen en uitvoeren van de actieplannen. Stimuleer en faciliteer netwerken palliatieve zorg om te leren van goede praktijkvoorbeelden in de vorm van een kennisplatform.
  • Respecteer de huidige indeling van de netwerken palliatieve zorg en faciliteer organisch ontstane samenwerkingen en fusies tussen netwerken op basis van de benodigde schaal om de hiervoor beschreven functies uit te oefenen. Zorg dat er geleerd kan worden van goede praktijkvoorbeelden uit andere regio’s, bijvoorbeeld door middel van een kennisplatform.
  • Ontwikkel een format voor een convenant dat de beschreven governance ondersteunt en dat door netwerkpartners kan worden ondertekend. Als basis hiervoor wordt het adviesdocument Samenwerkingsovereenkomst van Fibula gebruikt (Fibula 2018).
  • Werk verschillende varianten van de samenstelling van het netwerkbestuur uit (naast zorgorganisaties, ook zorgprofessionals, gemeenten, (organisaties van) patiënten/mantelzorgers), rekening houdend met het aantal netwerkpartners.
  • Werk uit op welke wijze vertegenwoordigers van organisaties van patiënten en mantelzorgers een rol kunnen vervullen in het netwerk(bestuur), rekening houdend met mogelijke beperkte belastbaarheid.
  • Leer van goede voorbeelden en ontwikkel een format om gemeenten en organisaties binnen het sociaal domein en de netwerken aan elkaar te verbinden.
  • Werk uit hoe het bestuur van het netwerk verantwoording aflegt aan haar leden, stakeholders en het ministerie van VWS.
  • Werk uit op welke wijze zorgverzekeraars/zorgkantoren hun rol kunnen spelen bij het committeren van betrokken/te betrekken organisaties en het faciliteren van transmurale/netwerk bekostiging (leer van goede praktijkvoorbeelden).
  • Bereken de benodigde inzet van de netwerkcoördinator, de medisch adviseur en andere medewerkers (bijvoorbeeld secretariaat, communicatie) gerelateerd aan de functies en de omvang van het netwerk (aantal inwoners, aantal leden, geografische kenmerken).
  • Ontwikkel een competentieprofiel en een functieomschrijving voor een medisch adviseur die samen met de netwerkcoördinator verantwoordelijk is voor de uitvoering van het actieplan en rapporteert aan het (dagelijks) bestuur.
  • Pas het competentieprofiel en de functieomschrijving van de netwerkcoördinator aan op basis van de genoemde functies en verantwoordelijkheden en overweeg een nieuwe titel voor de netwerkcoördinator, bijvoorbeeld netwerkmanager.
  • Fibula heeft een adviserende rol bij de werving en selectie van een nieuwe netwerkcoördinator en medisch adviseur. Het bestuur van het netwerk palliatieve zorg is verantwoordelijk voor de benoeming van de netwerkcoördinator en de medisch adviseur.
  • Zorg voor scholing van de voorzitter, bestuursleden, netwerkcoördinator en medisch adviseur van de netwerken palliatieve zorg op het gebied van netwerkleiderschap.
  • Het ministerie van VWS vraagt aan het ZonMw programma Palliantie om de werkzame principes en de effectiviteit van varianten van regionale inbedding van een netwerk palliatieve zorg te onderzoeken.
  • Elk netwerk vormt een interdisciplinair en transmuraal samenwerkend specialistisch team van diverse disciplines die ingezet kunnen worden voor patiënten en naasten ter ondersteuning van de generalistische zorgverleners, zodat elke patiënt een ‘team op maat’ krijgt. Dit team is flexibel en dynamisch in de tijd.
  • Het specialistisch team is organisatie-overstijgend inzetbaar. Elke zorgaanbieder van het netwerk palliatieve zorg kan een beroep doen op het team. Het netwerk maakt hiervoor transmurale samenwerkingsafspraken.
  • Zorg voor een betaaltitel voor een transmuraal zorgproduct waarin specialistische palliatieve zorg is opgenomen. Zorg ervoor dat de zorgverzekeraar deze zorg inkoopt.
  • Ontwikkel een eenvoudig en praktisch toepasbaar format (wat ging goed? wat kan beter?) om tijdens het nazorggesprek met de nabestaande de individuele casuïstiek en de geboden ondersteuning te kunnen evalueren. Bepaal op welke wijze deze informatie kan worden verzameld zodat kwaliteitsverbetering vanuit het directe perspectief van de patiënt mogelijk is (op niveau van NPZ en landelijk).
  • Richt een evaluatiestructuur in zodat de individuele zorgevaluatie kan worden teruggekoppeld aan het team dat de zorg heeft verleend. Het doel hiervan is continu leren en verbeteren. Daarnaast wordt het gebruikt voor feedback op netwerkniveau en voor bovenregionale en landelijke leer- en verbeterprojecten.
  • Ontwikkel een instrument waarmee beknopte managementinformatie (structuur, proces, uitkomst) vanuit verschillende perspectieven (zoals patiënt/naasten, zorgverleners, bestuurders) kan worden verzameld en verwerkt. Kijk hierbij naar het voorbeeld van de kinderpalliatieve zorg en de PaTz-portal.
  • Bepaal op landelijk niveau de inhoud van bij- en nascholingen over palliatieve zorg aan zorgverleners en organiseer de scholingen (boven-)regionaal.
  • De netwerken palliatieve zorg (Fibula) en PZNL dragen actief bij aan O2PZ.
  • Ontwikkel en implementeer zo snel mogelijk het digitaal individueel zorgplan (IZP) om digitale overdracht van de wensen en doelen van de patiënt en afspraken over proactieve zorgplanning te faciliteren.
  • Onderzoek op welke wijze de relevante informatie binnen de persoonlijke gezondheidsomgeving tussen hulpverleners en patiëntsysteem gedeeld kan worden.
  • Kies voor een app waarin publieksvoorlichting en informatie over het specifieke netwerk palliatieve zorg voor gebruikers toegankelijk is.
  • Zoek uit met welke huidige innovatieve ICT-toepassingen financiering, verantwoording, onderzoek en evaluatie mogelijk zijn, zodanig dat professionals niet onnodig belast worden met registratieverplichtingen (bijvoorbeeld blockchain).
  • Werk uit hoe samenwerking tussen netwerkcoördinator en regio adviseur kan worden versterkt.
  • De netwerken palliatieve zorg blijven met de consortia/universitaire centra afstemmen over de onderzoeksagenda op gebied van palliatieve zorg en werken samen als het gaat om de uitvoering van onderzoek en implementatie van innovaties.
  • Werk uit hoe de netwerken, gegeven de nieuwe eisen die aan netwerken palliatieve zorg gesteld worden, het beste ondersteund kunnen worden en ontwikkel een nieuwe vorm van ondersteuningsstructuur.
  • Bundel menskracht en financiële middelen van IKNL-PZ en Fibula in één subsidie PZNL om bovengenoemde taken te kunnen vervullen.
  • Ondersteun en faciliteer lopende pilots ‘Transmurale palliatieve zorg met passende financiering’.
  • Zorg dat er één landelijk telefoonnummer is dat bereikbaar is voor patiënten en naasten en verwijzers (8/5 bereikbaar) en zorgverleners (24/7 bereikbaar) met vragen over palliatieve zorg. Zorg voor een doorschakeling vanuit het landelijke nummer naar de regio.
  • Ontsluit online informatie over palliatieve zorg voor zorgverleners (kennis, praktijkvoorbeelden, onderzoeksresultaten, instrumenten) en organiseer een koppeling met de websites van de netwerken palliatieve zorg.
  • Ontsluit online publieksinformatie over palliatieve zorg, mogelijkheden voor ondersteuning en kwaliteitsinformatie.
  • Werk op landelijk niveau het onderscheid uit tussen generalistische en specialistische palliatieve zorg.
  • Bepaal op landelijk niveau de inhoud van het onderwijs over palliatieve zorg in de basisopleidingen aan zorgverleners op basis van de vastgestelde competenties palliatieve zorg.
  • Ontwikkel specifieke informatie over wat te doen bij de verschillende symptomen bij palliatieve zorg. Zorg hierbij voor verbinding met de patiëntenversie van het Kwaliteitskader en de bestaande informatie op thuisarts.nl.
  • Verzamel goede voorbeelden, stimuleer kennisuitwisseling en ontwikkel instrumenten om de verbinding tussen netwerken palliatieve zorg en het sociaal domein te ontwikkelen.
  • Het ministerie van VWS vraagt aan het programma Palliantie van ZonMw om de werkzame principes en de effectiviteit van een aantal organisatiemodellen voor netwerken palliatieve zorg te onderzoeken. Hiervoor kunnen succesvol lijkende modellen uit het veld worden opgehaald.

Financiering van netwerken palliatieve zorg

Hieronder volgen aanbevelingen van de Denktank voor de financiering van de netwerken palliatieve zorg, zodat zij de functies kunnen uitoefenen die nodig zijn om organisaties te ondersteunen in het verlenen van goede palliatieve zorg aan patiënten ongeacht tijd of plaats.

  • Continueer de subsidieregeling voor de netwerken palliatieve zorg tenminste voor de periode 2022-2025, zodat de netwerken zich optimaal kunnen blijven richten op hun kerntaken. Koppel dit aan een duidelijke opdracht in het kader van de doorontwikkeling en professionalisering van de netwerken palliatieve zorg in relatie tot het Kwaliteitskader palliatieve zorg Nederland, zoals beschreven bij Organisatie.
  • Werk uit hoe het bundelen van middelen van de verschillende organisaties, zoals genoemd bij Financiering, kan worden ingezet om regionaal meer effectiviteit te bereiken om het actieplan te realiseren. Het ministerie van VWS geeft opdracht aan Fibula/PZNL om dit in 2019/2020 samen met betrokken partijen uit te werken in een concreet plan, zodat 2021 als overgangsjaar kan worden gebruikt.
  • Verhoog het subsidiebedrag naar minimaal 10 miljoen per jaar nodig is voor de netwerken palliatieve zorg ‘nieuwe stijl’ (2.0). Hierbij is het noodzakelijk dat de subsidie stapsgewijs wordt verhoogd in 2019,2020 en 2021 en verdeeld wordt over de netwerken palliatieve zorg en de landelijke ondersteuningsstructuur.
  • Benut het ZonMw programma Palliantie voor het ontwerpen en onderzoeken van een registratiesysteem (gespecialiseerde) palliatieve zorg op basis van het kwaliteitskader. VWS kan hiertoe een opdracht geven aan het bestuur van het Palliantie-programma. Op basis hiervan kan worden toegewerkt naar een betere onderbouwing van en de benodigde middelen voor een netwerk.
  • Werk uit hoe de verplichte bijdrage van netwerkpartners tot stand kan komen, in de vorm van financiën en/of natura (bijvoorbeeld menskracht/huisvesting), rekening houdend met de draagkracht van de netwerkpartners, inclusief een verdeelsleutel over de NPZ.
  • Primaire palliatieve zorg wordt bekostigd vanuit de ZVW. De consultatiefunctie palliatieve zorg (in palliatieve zorg gespecialiseerde artsen en verpleegkundig specialisten, geestelijk verzorgers) is onderdeel van het primaire zorgproces en moet als zodanig bekostigd worden en dus worden losgekoppeld van het huidige consultatiesysteem van IKNL-PZ. Hier wordt al in voorzien in de eerdergenoemde pilots ‘Transmurale palliatieve zorg met passende financiering’ van NZa en PZNL.
  • Evalueer de huidige verdeelsleutel voor de subsidie aan de netwerken palliatieve zorg in het licht van dit advies en met name van de geadviseerde uitbreiding van middelen voor de netwerken. Kijk hierbij met name naar de relatie tussen het vaste bedrag per netwerk en het bedrag dat samenhangt met de omvang van het verzorgingsgebied.
  • Ga verder met de krachtenbundeling van partijen die op landelijk niveau de noodzakelijke kwaliteitsverbetering van palliatieve zorg ondersteunen en zorg dat middelen en mensen afgestemd, effectief en efficiënt worden ingezet.

Meer informatie en documenten

Adviesrapport

Beleidsvoorstel

Regiobijeenkomsten

Werkbijeenkomsten

Consultatierondes

Voortgangsverslagen

Presentaties plannen denktank

Interview

  • Interview, Janneke van Vliet en Ilse Raats vertellen over Denktank (uit Nieuwsflits Fibula maart 2018)
Contactpersoon
Laatst geactualiseerd: 7 maart 2022
Mail de redactie
Mail de redactie met jouw evenement, jouw nieuws of een tool waar anderen (ook) baat bij kunnen hebben. 'Delen is vermenigvuldigen', zeggen ze wel eens. Maar ook suggesties of klachten over de vindbaarheid van informatie zijn zeer welkom. Met jouw inbreng kunnen we Palliaweb verbeteren.