Verlies en Rouw
Verlies en rouw spelen een grote rol in de palliatieve zorg en beginnen vaak al tijdens het ziekteproces. Patiënten kunnen rouwen om het verlies van gezondheid en zelfstandigheid, terwijl naasten zich voorbereiden op een naderend afscheid. Na het overlijden ervaren nabestaanden en zorgverleners uiteenlopende emoties en reacties.
Voor de meeste mensen verloopt rouw op een natuurlijke manier, maar soms is er sprake van complexe rouw die extra aandacht en ondersteuning vraagt. Ook als zorgverlener kun je rouw ervaren, wat invloed kan hebben op je welzijn. Passende aandacht voor verlies en rouw is daarom essentieel, met toegankelijke ondersteuning waar nodig. Op deze pagina vind je informatie over verlies, rouw en nazorg in de palliatieve zorg, gebaseerd op de richtlijn Rouw in de palliatieve fase.
Wat is rouw en hoe uit dit zich?
Rouw betekent alle reacties op verlies, ook op een naderend verlies. Die reacties kunnen lichamelijk, emotioneel, met je verstand, in je gedrag of spiritueel zijn.
- Lichamelijk kun je last hebben van hoofdpijn, buikpijn, duizeligheid, pijn op de borst, minder eetlust, problemen met slapen, vermoeidheid of meer ziek zijn.
- Emotioneel kun je verdrietig, bang, boos of eenzaam zijn. Soms voel je je ook somber of heb je weinig plezier.
- Met je verstand kun je steeds aan het verlies denken, je schuldig voelen of moeite hebben met concentreren.
- In je gedrag kun je rusteloos zijn, veel huilen of juist jezelf terugtrekken.
- Spiritueel kunnen er vragen zijn over het waarom of over geloof.
Rouwen is een normale reactie als je iemand verliest. In de palliatieve zorg hoort begeleiding bij rouw erbij. Vaak is het al fijn als zorgverleners of vrijwilligers luisteren en praten over het verdriet. Soms is de rouw moeilijker en heeft iemand extra hulp of behandeling nodig.
Bij palliatieve zorg weten de patiënt en naasten dat de patiënt uiteindelijk zal overlijden. Vaak begint het rouwen al voordat de patiënt overlijdt. Goed voorbereid zijn op de dood kan helpen om minder heftig te rouwen na het overlijden. Voorbereiden op de dood kan op verschillende manieren:
- Medisch: informatie krijgen over de ziekte en wat er kan gebeuren met het lichaam.
- Psychosociaal: praten met familie en vrienden over de naderende dood en hoe iedereen daarmee omgaat.
- Spiritueel: nadenken over wat belangrijk is in het leven en wat zin geeft.
- Praktisch: bijvoorbeeld zorgen voor de uitvaart en regelen dat de naasten het straks goed hebben.
Ontdek via De Carend Podcast onder meer de podcast Rouw en luister naar ervaringen van collega's over het onderwerp rouw.

Waarom is aandacht voor verlies en rouw belangrijk?
Aandacht voor verlies en rouw hoort vanzelfsprekend bij palliatieve zorg. Het begint vaak al tijdens het ziek zijn: patiënten rouwen om verlies van gezondheid of zelfstandigheid en naasten bereiden zich voor op een naderend afscheid. Rouw beïnvloedt het lichamelijke, psychische, sociale en spirituele welzijn. Met de juiste begeleiding kunnen patiënt en naasten beter omgaan met deze veranderingen en wordt voorkomen dat rouw een groot probleem wordt.
Ook ná het overlijden blijft aandacht belangrijk. Naasten hebben vaak behoefte aan erkenning, troost en steun. Als zorgverlener kun jij hierin veel betekenen. Neem de tijd voor verdriet en afscheid en sluit aan bij de gewoonten, rituelen of gebruiken die voor de patiënt en familie belangrijk zijn. Vraag of er behoefte is aan ondersteuning bij de eerste praktische stappen, zoals de verzorging van de overledene of het regelen van zaken.
Omdat rouw zich op veel verschillende manieren kan uiten (zie Wat is rouw en hoe uit zich dit?), is het belangrijk alert te blijven en te signaleren wanneer steun uit de omgeving niet voldoende is.
Veel organisaties bieden enkele weken na het overlijden een nagesprek aan, vaak door de hoofdbehandelaar of een vaste zorgverlener. In dit gesprek kun je vragen hoe het met de nabestaanden gaat, hoe zij terugkijken op de ziekte- en stervensfase en hoe zij de zorg hebben ervaren. Dit geeft erkenning, kan steunend zijn en helpt om zorgen tijdig te signaleren.
Wanneer je merkt dat de rouw zwaar wordt of vastloopt, bespreek dit en adviseer de naasten contact op te nemen met de huisarts. Met toestemming kun je dit ook zelf doorgeven. Zo draag je bij aan passende ondersteuning en voorkom je dat rouw uitmondt in langdurige problemen.
Complexe rouw en deskundige ondersteuning
Voor de meeste mensen verloopt rouw zonder blijvende psychische problemen. Toch kan er sprake zijn van complexe rouw. Als zorgverlener kun je signaleren of er risicofactoren aanwezig zijn, bijvoorbeeld weinig steun uit de omgeving, eerdere ingrijpende verliezen of psychische kwetsbaarheid.
In zulke situaties is het belangrijk om passende ondersteuning te bieden of tijdig te verwijzen naar deskundigen. Denk aan een geestelijk verzorger, maatschappelijk werker, psycholoog of rouwtherapeut. Op Palliaweb vind je meer informatie over de verwijsroutes en samenwerkingsafspraken. Zo zorg je dat de patiënt en naasten de juiste hulp ontvangen en dat problemen met verliesverwerking zoveel mogelijk worden voorkomen.
Aan de slag!
- Bestel of download de samenvattingskaart met de belangrijkste aanbevelingen uit de richtlijn Rouw in de palliatieve fase.
- Bespreek met de patiënt en naasten welke normale rouwreacties kunnen voorkomen, zowel vóór als na het overlijden.
- Vraag actief door naar hoe rouw wordt beleefd (lichamelijk, emotioneel, cognitief, gedragsmatig en spiritueel). De Rouw Vragenlijst (RVL) kan helpen bij het in kaart brengen van reacties.
- Maak ruimte voor verlieservaringen en benoem dat ieder rouwproces uniek is. Herken verschillen binnen een gezin of tussen naasten.
- Vertel de patiënt en naasten dat er voor hen informatie te vinden is op Overpalliatievezorg.
- Plan een nazorggesprek met de naasten enkele weken na overlijden en vraag hoe het met hen gaat, hoe ze terugkijken op de zorg en waar ze nu behoefte aan hebben.
- Bespreek je ervaringen met een collega tijdens een intervisie of teamoverleg en leer van elkaar hoe je met verlies en rouw omgaat.
Rouw bij minderjarige naasten
Kinderen rouwen anders dan volwassenen. Hun emoties kunnen intens zijn, maar wisselen vaak af met spel en sport. Hoe zij omgaan met verlies verschilt per leeftijd. Als zorgverlener kun je ouders en kinderen hierover informeren en hen wijzen op toegankelijke bronnen. Op Overpalliatievezorg staat informatie voor kinderen en ouders. Daarnaast zijn er betrouwbare websites, zoals Kanker en je gezin, het Ingeborg Douwes Centrum, Kankerspoken en Indewolken. Deze materialen zijn geschikt om door te geven aan gezinnen of samen te bekijken.
Meer weten over Verlies en rouw?