De kwaliteit van levenseindezorg in het ziekenhuis bij patiënten met gevorderd hartfalen
Publicatie

De kwaliteit van levenseindezorg in het ziekenhuis bij patiënten met gevorderd hartfalen

  • Datum publicatie 1 april 2021
  • Auteur Linda Brom
  • Uitgever E-Pal
  • Type artikel
Contactpersoon Frank van den Berg E-Pal
Laatst geactualiseerd: 18 mei 2021

Inleiding

In de Verenigde Staten leven ongeveer 600.000 patiënten met gevorderd hartfalen. Velen daarvan ontvangen beperkte kwaliteit van zorg aan het levenseinde. Deze patiënten ervaren een hoge mate van symptoomlast die veelal wordt onderbehandeld. Ze worden vaak opgenomen op de IC en overlijden daar vaker.

Er is weinig bekend over de kwaliteit van levenseindezorg die deze patiëntengroep in de ziekenhuissetting ontvangt. Om de kwaliteit van zorg voor patiënten met gevorderd hartfalen te verbeteren, is het van belang om beter te begrijpen hoe hoogwaardige zorg aan het levenseinde in het ziekenhuis is geassocieerd met processen binnen de palliatieve zorgverlening.

Methode

In dit artikel wordt het verband onderzocht tussen beoordelingen van de kwaliteit van levenseindezorg in het ziekenhuis en de ontvangen zorg bij patiënten met hartfalen. Om die vraag te beantwoorden is een retrospectieve observationele studie gedaan naar patiënten die overleden zijn in het ziekenhuis.

Naasten ontvingen een vragenlijst na het overlijden van de patiënt, met vragen als “Hoe zou u de zorg beoordelen die uw naaste ontving in de laatste maand van het leven?”

In de analyse zijn ook uitkomsten over de kwaliteit van zorg opgenomen, zoals een consult palliatieve zorg in de laatste 90 dagen van het leven, een contactmoment tussen geestelijk verzorger en patiënt of naaste(n) in de laatste maand van het leven, rouwzorg in de maand na overlijden, overlijden op IC en overlijden in een  hospice-unit in het ziekenhuis.

Resultaten

Van de 6.256 patiënten in de studie was de gemiddelde leeftijd 77 jaar. Het waren bijna allemaal mannen (98%). Van alle overledenen met hartfalen kreeg 52% een palliatief consult in de laatste 90 dagen van het leven en werd 85% gezien door een geestelijk verzorger. 43% van de patiënten met hartfalen stierf in een hospice-unit in het ziekenhuis en ruim een kwart (28%) stierf op de IC. 70% van de gezinnen van deze overleden patiënten werd benaderd voor ondersteuning in rouwverwerking.

De resultaten van dit onderzoek laten zien dat er verschillen zijn gevonden in de door de familie gerapporteerde kwaliteit van levenseindezorg in het ziekenhuis die patiënten met hartfalen hebben ontvangen. In door naasten als excellent in levenseindezorg beoordeelde ziekenhuizen hadden patiënten meer kans op een contactmoment met een geestelijk verzorger, stierven ze vaker op een hospice-unit en hadden ze minder kans om op IC te overlijden. Naasten werden in de laatste maand voor overlijden vaker ondersteund in hun rouwverwerking.

Conclusie

Deze resultaten illustreren de toepasbaarheid en de mogelijkheid tot kwaliteitsverbeteringen van levenseindezorg in de ziekenhuissetting.

Commentaar

Deze studie geeft mooi weer wat de betekenis is van hoogwaardige zorg in de ogen van naasten die een dierbare zijn verloren. De resultaten tonen aan waar ziekenhuizen op in kunnen zetten om de kwaliteit van palliatieve zorg te verbeteren. Ook in Nederland wordt meer en meer gewerkt met patiënt gerapporteerde uitkomsten (PROMs & PREMs). Deze geven inzichten in de ervaren ontvangen zorg van patiënten en bieden handvatten om die te verbeteren.

Naar de publicatie

Feder, S. et al (2021). The Association Between Hospital End-of-Life Care Quality and the Care Received Among Patients With Heart Failure (niet openbaar). Journal of Pain and Symptom Management 61(4); 713-722.e1

Deze bijdrage is onderdeel van E-Pal - editie mei 2021. U vindt alle bijdragen van E-Pal hier.

Contactpersoon Frank van den Berg E-Pal
Laatst geactualiseerd: 18 mei 2021
Heb je relevante informatie voor op Palliaweb?
Mail de redactie met jouw evenement, jouw nieuws of een tool waar anderen (ook) baat bij kunnen hebben. 'Delen is vermenigvuldigen', zeggen ze wel eens.