Wet- en regelgeving (keuzedeel mbo)
Onderwijsmateriaal

Wet- en regelgeving (keuzedeel mbo)

  • Aanbieder O2PZ
  • Soort materiaal (powerpoint-)presentatie, (pré-post) toetsvragen, achtergrondmateriaal, casuïstiek, lesmodule, lespakket, oefenmateriaal, tekstueel, video of animatie, website
  • Versie 2021
  • Opleiding mbo verpleegkundige niveau 4, verzorgende (IG) niveau 3
Contactpersoon Gerard Castermans O2PZ
Laatst geactualiseerd: 7 april 2021


Het thema Wet- en regelgeving hoort bij het keuzedeel Palliatieve zorg (K1006) l mbo en is hiervan het negende onderdeel.
Ga naar het overzicht met alle onderdelen

 

Inleiding onderdeel 'Wet- en regelgeving'  

Wetten zijn geschreven rechtsregels. Wetgeving omvat verschillende geschreven rechtsregels die afkomstig zijn van de Staten-Generaal en verschillende andere organen. Er zijn veel wetten van toepassing op de gezondheidszorg. Een aantal is specifiek voor de palliatieve zorg. 

De volgende onderwerpen komen aan bod:

  • De meest voorkomende wet- en regelgeving in relatie tot de palliatieve zorg:
    • Wetgeving natuurlijke/niet natuurlijke dood 
    • Wetgeving euthanasie en levenseinde
    • Wet op de lijkbezorging  
    • Regelgeving palliatieve sedatie 
  • De eisen in deze wetten en verantwoordelijkheden voor desbetreffende zorgverleners.
  • Rol van verpleegkundige binnen deze wetten. 
  • De betekenis en waarde van de wilsverklaring 

In dit thema vind je achtergrondinformatie, lesmateriaal en opdrachten voor de studenten over bovenstaande onderwerpen. Zo tref je in een tijdlijn van leven naar overlijden aan waar hersendood staat, de documentaire over de levenseindekliniek en een animatie over de euthanasiewet en de zes zorgvuldigheidseisen. 
 

Leerdoelen

De leerdoelen en opdrachten zijn ingedeeld naar de niveaus starter, gevorderde en beroepsbekwaam. Met behulp van het instrument SOLO KD Zelfinschatting van competenties kan de student zelf nagaan op welk niveau hij of zij zich bevindt. 

De student:

  • Benoemt de wettelijke en juridische regelingen en bepalingen met betrekking tot het palliatief zorgtraject, de WGBO, beslissingen rondom het levenseinde, wilsverklaringen, reanimatiebeleid en euthanasie. (OWR) 
  • Heeft kennis van de wet- en regelgeving ten aanzien van beslissingen rondom levenseinde, euthanasie en palliatieve sedatie. (K1006)

De student is in staat om:

  • In eigen woorden uitleg te geven over de WGBO en de relatie met palliatieve zorg. 
  • In eigen woorden uitleg te geven over beslissingen rondom het levenseinde. 
  • In eigen woorden uitleg te geven over de begrippen wilsbekwaam en wilsonbekwaam. 
  • In eigen woorden uitleg te geven over euthanasie. 
  • In eigen woorden uitleg te geven over palliatieve sedatie.
  • In eigen woorden uitleg te geven over natuurlijke en niet-natuurlijke dood. 
  • Een omschrijving te geven over de volgorde van activiteiten van overlijden van tot begraven/cremeren.

De student:

  • Hanteert relevante wet- en regelgeving rondom levenseindebeslissingen en handelt binnen de grenzen van wet- en regelgeving. (OWR)
  • Heeft kennis van de actuele maatschappelijke ontwikkelingen en discussies over palliatieve zorg, zoals beslissingen rondom het levenseinde, euthanasie, voltooid leven en palliatieve sedatie. (K1006)

​De student is in staat om:

  • De eigen rol binnen de kaders van wet- en regelgeving ten aanzien van de palliatieve patiënt te bespreken.
  • Het verschil te duiden tussen palliatieve sedatie en euthanasie.
  • Signalen van patiënt en/of mantelzorg aangaande beslissingen rondom het levenseinde binnen het eigen team te bespreken. 
  • Onder begeleiding van een collega een gesprek met de patiënt en/of mantelzorg te voeren over het afzien of stoppen van verdere behandeling.
  • Relevante activiteiten rondom het overlijden te herkennen en daarnaar te handelen.

De student:

  • Levert zorg passend binnen wet- en regelgeving. (OWR)
  • Past relevante wet- en regelgeving toe in de dagelijkse praktijk. (K1006)
  • Toont met een professionele houding dat hij/zij kennis heeft van de wet- en regelgeving. (K1006)

De student is in staat om:

  • Zelfstandig samen met de arts een slechtnieuwsgesprek te voeren met inachtneming van relevante wet- en regelgeving.
  • Relevante informatie te verstrekken aan een patiënt en/of mantelzorg over palliatieve sedatie.
  • Relevante informatie te verstrekken aan een patiënt en/of mantelzorg over euthanasie.
  • Relevante informatie te verstrekken aan een patiënt en/of mantelzorg over wet- en regelgeving ten aanzien van het levenseinde.
  • Samen met collega’s binnen het interprofessionele team een plan op te stellen over palliatieve sedatie.

Docentenhandreiking

Download de handreiking voor docenten

Opdrachten

 

Contactpersoon Gerard Castermans O2PZ
Laatst geactualiseerd: 7 april 2021
Bied je onderwijsmateriaal aan
Vul op deze pagina de vereiste velden in om je aanbod in te dienen.