Reduceren of staken van medicatie: Bètablokkers

Uitgangsvragen

  1. Wanneer en hoe worden bètablokkers gestaakt bij patiënten met hartfalen NYHA-klasse III-IV in de veronderstelde laatste 4 weken voor het overlijden? 
  2. Wanneer en hoe wordt de dosering van bètablokkers aangepast bij patiënten met hartfalen NYHA-klasse III-IV in de veronderstelde laatste 4 weken voor het overlijden?

Methoden: evidence-based (vraag 1), consensus-based (vraag 2)

Aanbevelingen

  • Continueer bètablokkers zo lang als mogelijk bij patiënten met HFrEF in maximaal verdraagbare dosering.
  • Continueer bètablokkers zo lang als mogelijk bij patiënten met HFmrEF en HFpEF  wanneer ook sprake is van angina pectoris en/of (supra) ventriculaire ritmestoornissen.
  • Controleer het effect van bètablokkers regelmatig aan de hand van symptomen van hartfalen, bloeddruk, hartfrequentie, tekenen van forward failure en bijwerkingen. Halveer de dosis van de bètablokker bij symptomatische hypotensie of asymptomatische systolische bloeddruk < 90mmHg en/of bradycardie < 50/min. Overweeg een verlaging van de dosis van de bètablokker bij extreme moeheid, tekenen van forward failure of andere bijwerkingen. 
  • Bespreek eventuele aanpassingen in de dosering van bètablokkers en neem een gezamenlijk besluit met de patiënt.
  • Overweeg wanneer de patiënt in de stervensfase komt:
    • het staken van alle bètablokkers en overige medicatie (die niet bijdragen aan comfort)
    • het starten van symptoomgerichte behandeling
  • Als er reden is tot staken van bètablokkers heeft het de voorkeur om de dosering af te bouwen (1 week halve dosis, daarna 1 week kwart dosis en dan staken).

Zie module Medicamenteuze behandeling.

Zie module Medicamenteuze behandeling.

Bij het literatuuronderzoek werden geen vergelijkende studies gevonden over het effect van staken van bètablokkers op de kwaliteit van leven bij patiënten met hartfalen NYHA-klasse III-IV in de veronderstelde laatste levensfase (gedefinieerd als de laatste 4 weken voor het overlijden). 
De overwegingen en aanbevelingen over het reduceren of staken van bètablokkers volgen grotendeels uit de ESC-richtlijn voor hartfalen [McDonagh 2021 en 2023]. Het gebruik van bètablokkers in de palliatieve fase is in essentie gelijk aan de niet-palliatieve fase.
Bewijs uit verschillende gerandomiseerde studies laat zien dat bètablokkers cardiovasculaire sterfte en ziekenhuisopnames verminderen en een positief effect hebben op de kwaliteit van leven bij patiënten met hartfalen. In de ESC-richtlijn wordt het gebruik dan ook aanbevolen als één van de standaard medicamenteuze opties voor patiënten met HFrEF [McDonagh 2021]. Bij patiënten met HFmrEF is de bewijskracht minder sterk, maar kunnen bètablokkers worden overwogen. 

De werkgroep is van mening dat bètablokkers een belangrijke rol hebben bij het zo lang mogelijk handhaven van de kwaliteit van leven van patiënten met HFrEF in de palliatieve fase. Hoewel dit mogelijk in mindere mate geldt voor patiënten met HFmrEF en HFpEF voor wat betreft het hartfalen, kunnen deze middelen belangrijk zijn voor de behandeling van gelijktijdig voorkomend coronairlijden (angina pectoris) en/of (supra)ventriculaire ritmestoornissen. Voorgaande is daarom een belangrijk argument om deze medicatie zo lang als mogelijk en/of wenselijk te continueren in maximaal verdraagbare doseringen.
De dosering van bètablokkers wordt aangepast aan de hand van de bloeddruk, hartfrequentie en bijwerkingen. De dosis wordt gehalveerd bij symptomatische hypotensie of asymptomatisch lage systolische bloeddruk < 90 mmHg en/of bradycardie < 50/min. Ook extreme moeheid, tekenen van forward failure, koude handen/voeten, nachtelijke onrust, angstdromen, vallen en duizeligheid kunnen redenen zijn bètablokkers aan te passen of te staken, voor zover deze klachten niet door het hartfalen zelf of andere medicatie veroorzaakt worden. Lichte (orthostatische) duizeligheid, die met leefregels zoals rustig opstaan acceptabel voor patiënt is, vormt geen reden tot aanpassing van de medicatie. Wanneer angstdromen optreden a.g.v. lipofiele bètablokkers die de bloed-hersenbarrière passeren, kan als alternatief en ‘off-label’ de lipofobe bètablokker atenolol geprobeerd worden. Evalueer en documenteer het effect van aanpassen of staken van de bètablokker op bijwerkingen goed en hervat eventueel het middel in de oude dosis als geen verbetering optreedt na aanpassen of staken.  

Zorgvuldig en herhaaldelijk moet in de laatste levensfase worden afgewogen of doorgaan met medicatie en het blijven doen van controles opwegen tegen de nadelen ervan. Bètablokkers kunnen gestaakt worden wanneer de stervensfase aanbreekt met een verwachtte levensverwachting van dagen tot weken. 
Als er een indicatie is om bètablokkers te staken is het advies om deze geleidelijk af te bouwen vanwege de kans op reflextachycardie of verergering van angina pectoris. Het advies is dan om de dosis gedurende een week te halveren, gevolgd door een week met een kwart van de dosis om daarna te stoppen.
Medicamenteuze behandeling richt zich in de stervensfase hoofdzakelijk of uitsluitend op verlichting van klachten. Dan kan overwogen worden over te gaan op morfine voor symptoombehandeling en eventueel palliatieve sedatie d.m.v. midazolam (in geval van een refractaire symptomen ter verlichting van klachten) (zie richtlijn Palliatieve sedatie).

Martínez-Sellés M, Grodzicki T. Modification of Cardiovascular Drugs in Advanced Heart Failure: A Narrative Review. Front Cardiovasc Med. 2022 May 23;9:883669.

McDonagh TA, Metra M, Adamo M, Gardner RS, Baumbach A, Böhm M, Burri H, Butler J, Čelutkienė J, Chioncel O, Cleland JGF, Coats AJS, Crespo-Leiro MG, Farmakis D, Gilard M, Heymans S, Hoes AW, Jaarsma T, Jankowska EA, Lainscak M, Lam CSP, Lyon AR, McMurray JJV, Mebazaa A, Mindham R, Muneretto C, Francesco Piepoli M, Price S, Rosano GMC, Ruschitzka F, Kathrine Skibelund A; ESC Scientific Document Group. 2021 ESC Guidelines for the diagnosis and treatment of acute and chronic heart failure. Eur Heart J. 2021 Sep 21;42(36):3599-3726. doi: 10.1093/eurheartj/ehab368. Erratum in: Eur Heart J. 2021 Dec 21;42(48):4901. doi: 10.1093/eurheartj/ehab670. PMID: 34447992. 

McDonagh TA, Metra M, Adamo M, Gardner RS, Baumbach A, Böhm M, Burri H, Butler J, Čelutkienė J, Chioncel O, Cleland JGF, Crespo-Leiro MG, Farmakis D, Gilard M, Heymans S, Hoes AW, Jaarsma T, Jankowska EA, Lainscak M, Lam CSP, Lyon AR, McMurray JJV, Mebazaa A, Mindham R, Muneretto C, Francesco Piepoli M, Price S, Rosano GMC, Ruschitzka F, Skibelund AK; ESC Scientific Document Group. 2023 Focused Update of the 2021 ESC Guidelines for the diagnosis and treatment of acute and chronic heart failure: Developed by the task force for the diagnosis and treatment of acute and chronic heart failure of the European Society of Cardiology (ESC) With the special contribution of the Heart Failure Association (HFA) of the ESC. Eur J Heart Fail. 2024 Jan;26(1):5-17. doi: 10.1002/ejhf.3024. Epub 2024 Jan 3. PMID: 38169072.

Talha KM, Butler J, Packer M. Consequences of Discontinuing Long-Term Drug Treatment in Patients With Heart Failure and Reduced Ejection Fraction. J Am Coll Cardiol. 2024 Nov 26;84(22):2215-2232.