Nieuws NPZ Utrecht stad en Zuidoost-Utrecht 08 juni 2022

Zes adviezen van oudere Amsterdammers voor een goed gesprek over wensen in de laatste levensfase

SIRE startte 8 februari de publiekscampagne De dood. Praat erover, niet eroverheen om mensen aan te zetten de dood bespreekbaar te maken. Afgelopen drie jaar sprak Sabine Mak van zorgorganisatie Elaa met Amsterdamse ouderen hierover. Alle inzichten en tips vat zij samen in zes adviezen.

“Mijn gesprekken met ouderen waren een vervolg op de hackathon met én voor Amsterdamse ouderen. Ik mocht de ouderen met de winnende oplossing ondersteunen hun idee verder uit te werken. Zij wilden iets ontwikkelen voor Amsterdamse ouderen om het taboe om te praten over behandelwensen te doorbreken. Tien minuten googlen en je wordt overladen met materiaal voor het bespreken en vastleggen van behandelwensen. Dat is er dus allemaal al. Maar waarom blijft een gesprek hierover toch zo ingewikkeld? Is de laatste levensfase iets waar we niet over na willen denken? Wat is het schrikbeeld? Wat zou ouderen helpen?

Opening voor het doorbreken van het taboe

In alle gesprekken die ik afgelopen jaren heb gehad, viel me op dat het voor ouderen met name gaat over het nastreven van levensgeluk in de laatste fase van hun leven. Voor de één is dat drie keer per week naar de sauna, voor de ander dagelijks muziek luisteren en de natuur in. En daar zit volgens mij een belangrijke opening voor het doorbreken van het taboe. Praten over behandelwensen in de laatste levensfase is eigenlijk hetzelfde als praten over wat voor iemand levensgeluk is, en hoe je dat na kunt streven tot aan de dood.

Ik heb alle inzichten en tips uit de gesprekken met de ouderen samengevat tot zes adviezen. Deze adviezen gelden zowel voor huisartsen en praktijkondersteuners, als voor ouderen zelf.

1. Denk breder dan alleen een ‘niet-reanimatie verklaring’
Behandelwensen hoeven niet alleen over wel/geen IC, wel/niet reanimeren, te gaan. Het gaat ook over hoe je als mens kwaliteit van leven ervaart zoals comfort, geluk en rust ervaart, bijvoorbeeld door een bepaalde omgeving, geuren, muziek of bepaalde mensen om je heen.

2. Attendeer op bestaande instrumenten en informatie
Instrumenten voor het bespreken en vastleggen van behandelwensen zijn vaak niet bekend bij ouderen. Terwijl er afgelopen jaar veel moois is ontwikkeld. De ouderen die ik heb gesproken waren positief het behandelpaspoort, wensenboekje, het informatieboekje Uitburgeren en Onmisbare informatie over het einde van het leven, en de digitale vragenlijst op thuisarts.nl.

3. Maak de drempel laag om wensen vast te leggen
Een behandelwensenplan of wilsverklaring hoeft geen boekwerk te zijn. Een half A4 kan al voldoende zijn. Dure levenstestamenten zijn dus niet altijd nodig.

4. Deel de wensen met de huisarts
Ouderen denken geregeld ‘Mijn huisarts kent mijn wensen wel’. Dit is niet altijd het geval. Wensen kunnen veranderen. Daarom is het belangrijk om (herhaaldelijk) het gesprek aan te gaan met de huisarts en de wensen vast te leggen. De huisarts zet dit in het patiëntendossier.

5. Wacht als huisarts/POH niet totdat de oudere er zelf over begint
Ouderen vinden het fijn als de POH of de huisarts het onderwerp aan de orde brengt. Zij ervaren een hoge drempel om hier zelf over te beginnen. Ouderen vinden de POH-Ouderen, of de huisarts, de aangesproken persoon is om over hun (behandel)wensen te praten.

6. Dwing het gesprek nooit op
Als mensen er niet over willen praten, maak hen dan alleen bewust van het onderwerp en de informatie en instrumenten die er zijn. Bespreek het thema na een half jaar nog een keer. Wie weet is iemand er dan wel klaar voor.”

Bron: Elaa

AANMELDEN NIEUWSBRIEF