Stappenplan

Diagnostiek

  1. Anamnese (zie Vragenlijst voor het vaststellen van verstoord slaap-waakritme)
  2. Evt. hetero-anamnese van partner of zorgverlener
  3. Zo nodig nachtelijke saturatiemeting

Beleid

  • Behandeling van de oorzaak
    • behandeling van lichamelijke symptomen c.q. syndromen (inclusief delier) en/of psychische c.q. psychiatrische aandoeningen die gepaard gaan met slaapproblemen
    • aanpassing van medicatie (soort, dosering of tijdstip van inname)
  • Niet-medicamenteus:
    • goede voorlichting over de aard van het slaapprobleem en oorzakelijke en beïnvloedende factoren
    • creëren van optimale voorwaarden om goed te slapen
    • bespreekbaar maken van zorgen en angsten
    • gedragsregels
    • ontspanningsoefeningen
    • cognitieve gedragstherapie
  • Medicamenteus:
    • bij inslaapproblemen: zolpidem 5-10 mg a.n. of zopiclon 3,75-15 mg a.n.
    • bij doorslaapproblemen: 1e keuze: temazepam 10-40 mg a.n.; alternatieven: lorazepam 1-5 mg a.n. of lormetazepam tabletten 1-2 mg a.n.
    • indien orale toediening niet mogelijk is: temazepam (capsule) 10-40 mg rectaal, diazepam 5-10 mg rectaal, midazolam 5-10 mg buccaal (inhoud van ampul tussen tanden en wang spuiten) of s.c. (5-10 mg bolus a.n. of 1-2,5 mg/uur continu gedurende de nacht), lorazepam 1-2 mg sublinguaal
    • bij gestoord dag-en-nachtritme: methylfenidaat 2-3 dd 5-10 mg (laatste dosis niet later dan 16 uur)
    • bij onvoldoende reactie op bovengenoemde middelen:
      • sederende antihistaminica: promethazine 25-50 mg a.n. of levomepromazine 12,5-25 mg a.n. (vaak in combinatie met benzodiazepine)
      • sederende antidepressiva: trazodon 100 mg a.n., mirtazapine 15 mg a.n. of amitriptyline 10-25 mg a.n. (m.n. als sprake is van slaapproblemen bij depressiviteit)
      • sederende antipsychotica: pipamperon 10-20 mg a.n. of quetiapine 25-50 mg a.n. (m.n.bij slaapproblemen bij agitatie) 
      • melatonine met gereguleerde afgifte 1 dd 2 mg a.n.

Bij de keuze voor één van bovengenoemde middelen wordt rekening gehouden met leeftijd, comorbiditeit en de aanwezigheid van andere symptomen, zoals bijv. neuropathische pijn, misselijkheid, angst of depressiviteit.

1. Hoe laat gaat u normaal naar bed?

2. Hoe lang duurt het voordat u in slaap valt?

3. Op welk tijdstip wordt u ‘s morgens meestal wakker?

4. Waardoor wordt u ‘s morgens wakker?

5. Doet u dutjes overdag? Hoe vaak/hoe lang slaapt u dan? Op welke momenten van de dag doet u dutjes?

6. Heeft u de afgelopen maand slecht geslapen in verband met:

  • langer dan 30 minuten wakker liggen?
  • wakker worden en niet meer in kunnen slapen?
  • toiletgebruik?
  • pijnklachten?
  • veelvuldig wakker worden?
  • onrustig slapen, liggen draaien?
  • onrustige benen?
  • andere reden?

7. Heeft u gedurende de afgelopen maand (of zei iemand dat u):

  • luid gesnurkt?
  • gesnoven, luidruchtig ademgehaald tijdens het slapen?
  • stokkende ademhaling gehad, naar adem moeten happen?
  • zich verlamd gevoeld (niet in staat tot bewegen) bij het wakker worden?
  • levendige dromen gehad bij het in slaap vallen of wakker worden, terwijl u wist dat u niet sliep?
  • ‘s morgens hoofdpijnklachten gehad?
  • zich humeurig, gestresst of somber gevoeld?

8. Heeft u gedurende de afgelopen maand:

  • bemerkt dat u erg slap bent of niet in staat tot bewegen van spieren in gezicht, armen of benen als u moet lachen of als u boos of verdrietig bent?
  • zich overdreven slaperig gevoeld overdag?
  • bemerkt dat u in slaap viel in aanwezigheid van anderen?
  • bemerkt dat u tijdens het autorijden in slaap viel?
  • het gevoel gehad dat u overdag minder goed functioneerde?

9. Welke medicijnen gebruikt u? Hoe vaak gebruikt u deze medicijnen?

10. Heeft u medicijnen of andere middelen gebruikt om in slaap te kunnen vallen?

11. Hoeveel cafeïnehoudende dranken en alcohol drinkt u per dag? Drinkt u deze ook‘s avonds

12. Rookt u? Ook ‘s avonds?

13. Op welke tijden van de dag bent u gewend te eten? Wat eet u gewoonlijk ‘s avonds?

Bron: Conceptrichtlijn Zorg bij een verstoord slaap-waakritme [Kwaliteitsinstituut voor de gezondheidszorg CBO, 2004]

Tabel 2 Niveaus van bewijsvoering richtlijn Slaapproblemen 2008
Behandeling Niveau van bewijsvoering Referentie(s)
Gedragsregels  41  
Ontspanningsoefeningen  41  
Cognitieve gedragstherapie 41  
Benzodiazepinen bij inslaapproblemen  41 Hirst 2001
Benzodiazepinen bij doorslaapproblemen  41 Hirst 2001
Melatonine met gereguleerde afgifte 12 Lemoine 2007, Wade 2007 
Methylfenidaat bij gestoord dag- en nachtritme  4  
Antidepressiva 4  

1 Effectiviteit aangetoond bij primaire slaapstoornissen en soms bij patiënten met kanker in de curatieve fase
2 Effectiviteit aangetoond bij primaire slaapstoornissen bij patiënten van 55-80 jaar

Niveau 1 = gebaseerd op systematische review of ten minste twee gerandomiseerde onderzoeken van goede kwaliteit.
Niveau 2 = gebaseerd op ten minste twee vergelijkende klinische onderzoeken van matige kwaliteit of onvoldoende omvang of andere vergelijkende onderzoeken.
Niveau 3 = gebaseerd op 1 vergelijkend onderzoek of op niet-vergelijkend onderzoek.
Niveau 4 = gebaseerd op mening van deskundigen.

Vernieuwde weergave Pallialine
Zoals u ziet heeft Pallialine een nieuw uiterlijk gekregen. Aan de inhoud van de richtlijnen is niets gewijzigd.